Interviews en verhalen

18-11-2011 Over honkbal, beschuldiging van pedofilie, zelfmoordneigingen en de overwinning daarop 

Tekst: Mart Roumen



Ik tref een vriendelijk ogende jongeman. Yair Da Costa. Zijn eerste indruk is te vangen met de woorden ambitieus en bevlogen. Na een korte kennismaking vertelt hij dat er flink wat frustratie is komen bovendrijven bij het terugdenken aan alles wat hem overkomen is. Het verbaast mij, vooral door de constante glimlach op zijn mond. Onder het genot van een koffie en een jus ‘d orange vertelt hij zijn hele verhaal.

Yair Da Costa is opgegroeid in het plaatsje Lissebroek. Beide ouders zijn zwaar gelovig en proberen dat in hun opvoeding ook over te dragen aan hun zoon. Yair ging vaak naar christelijke zomerkampen en in de gezinscontext wordt er geregeld verwezen naar de Bijbel. ‘Ik geloof niet echt, maar voel me wel Christen in identiteit. Verder ben ik groot fan van Jezus, omdat hij zo lekker rebels was’ vertelt Yair later over zijn geloof’.

‘Ik ben een groot fan van Jezus, omdat hij zo lekker rebels was’

De eerste frictie ontstaat als Yair op 13-jarige leeftijd bewust ervaart dat hij homoseksuele gevoelens heeft. Yair: ‘Als ik terugdenk wist ik het al vanaf mijn 9e. Ik had echter geen idee van homoseksualiteit, mijn ouders censureerden alles weg. In mijn beeldvorming bestond homoseksualiteit niet. Vandaar dat het ook een lange periode duurde voordat ik ‘het’ vertelde aan vrienden en familie. Voor mijn gevoel heb ik tussen mijn 9e en 18e geïsoleerd geleefd. Ik kwam nooit andere homo’s tegen.’

Toch had zijn omgeving al vermoedens. Bij de plaatselijke honkbalclub in Lisse plaagden zijn teamgenoten hem met zijn – vermeende – homoseksualiteit. Yair: ‘Toch was dat voor mij niet dé reden om bij die club weg te gaan. De totale sfeer in mijn team was niet gastvrij. Ik besloot te vertrekken en kwam terecht in Hoofddorp, bij de Pioniers’. Yair vervolgt enthousiast: ‘Ik heb daar een ontzettend leuke tijd gehad. Ik ben er na twee jaar lidmaatschap zelfs openlijk uit de kast gekomen en niemand had er problemen mee!’.

‘De gedachte aan zelfmoord schoot wel in een flits voorbij…..´

Met zijn nieuwe studie gaat Yair in Amsterdam wonen, vlak naast honkbalclub ‘Amsterdam Pirates’. ‘Al snel ging ik een balletje slaan en kwam ik in contact met mensen van die club. Ze vroegen mij of ik bereid was om training te geven aan een jeugdteam. Ik was enthousiast en begon met trainen. Mijn amicale stijl van trainen viel goed bij zowel de spelers/ trainers als ouders.’

In het voorjaar van 2008 is Yair echter het middelpunt van een politiecampagne (‘Hij heeft je nodig om hand in hand te kunnen lopen met zijn vriend’). Hij stond met naam en toenaam op posters door heel Amsterdam. ‘Plotsklaps was dus ook bij iedereen bekend dat ik homoseksueel ben. Er gingen verhalen rond op de club, maar rechtstreeks vragen of ik homo was werd zelden gedaan. Ik wilde sport en homoseksualiteit ook eigenlijk scheiden.

‘Na deze campagne was er een jongerenhonkbalkamp op het terrein van Pirates. Net als het jaar daarvoor was ik toen ook op het terrein om een balletje te slaan. Tijdens dit kamp kwam ik veel bekende kinderen en teamgenoten van zowel Pirates als Pioniers tegen. Eén van de kinderen, Peter, die ik kende van het jaar daarvoor kwam op me afrennen. Zo enthousiast was hij om mij te zien. Ik was ook erg blij om Peter weer te zien. Ik merkte echter aan de blikken van enkele ouders dat ze onze vriendschappelijke omgang niet konden waarderen.’

’s Avonds ging ik kijken naar Jong Oranje – Jong Japan. Hier kwam ik Peter en de andere jongens weer tegen. Ze wilden perse dat ik bij hun kwam zitten en ondanks dat ik dat niet een heel goed plan vond hebben we heb ik dat wel gedaan. Na een tijdje kwam er een ‘etter’ uit de groep bij. Voor de grap werd hij door de andere jongens vastgebonden met afzetlint. Ik vond het er zo grappig uitzien dat ik mijn camera erbij pakte. Toen ik merkte dat de ‘leukigheid’ eraf was sommeerde ik de jongens hem los te maken. Later kwam de assistent-kampleider, Ronald, zijn beklag deed. Hij was totaal niet blij met deze actie. Ik gaf een slecht voorbeeld en hij vroeg zich geërgerd af waarom ik een filmpje aan het maken was. ‘Ik ga hier een probleem van maken’ vertelde hij nog. Ik was met stomheid geslagen en ik vroeg me af waar al die frustratie vandaan kwam.’

‘Ik heb er geen goed gevoel bij’

‘De volgende dag ging ik weer richting het kamp. Al snel zag ik een huilende Peter en ging bij hem zitten om te vragen wat er aan de hand was. Uit mijn ooghoek zag ik Ronald op me af stappen, hij was duidelijk niet gecharmeerd van dit contact. Hij stuurde me weg bij de kinderen: ‘Ik heb er geen goed gevoel bij’. Boos liep ik naar Carl, de leider en organisator van het kamp. Hij vertelde me echter dat er ouders hadden geklaagd en dat ik er beter aan deed om niet op het sportterrein te verschijnen gedurende het kamp. Dit ondanks dat een dag eerder met Ronald was afgesproken dat ik geen foto’s/filmpjes zou maken en niet meer zou stoeien.’

´Desondanks wilde ik wel naar de club gaan. Wie waren die ouders nou om mij van het terrein te laten verbannen? Bovendien is de Homerun Derby erg leuk om naar te kijken dus besloot ik daar heen te gaan. Al snel kwamen Peter en de kids naast mij zitten. Na afloop van dit evenement kwam Carl naar me toe: ‘Je had beter weg kunnen lopen toen ze bij je kwamen zitten’. De stoppen sloegen door. Wie was deze man om mij ook maar te verbieden naast iemand te zitten?! Ik nodigde hem uit om open de discussie aan te gaan met alle ouders die geklaagd hadden erbij. Echter ging hij hier niet op in.’

´Die avond was ik helemaal gebroken. Mijn ouders wilden niets weten van mijn homoseksualiteit. Ouders en de kampleider beschuldigden mij (indirect) van pedofilie, terwijl ik exact hetzelfde handel als het jaar daarvoor en als klap op de vuurpijl mocht ik niet meer in contact komen met de pupillen, die ik lange tijd training had gegeven. De gedachte aan zelfmoord schoot wel in een flits voorbij…..´

‘De volgende dag kookte het van binnen. Ik voelde me mentaal en fysiek heel belabberd. Ik, Yair, pedofiel, hoe komen ze erbij!? Gelukkig was er een goede vriendin bereid om langs te komen bij wie ik mijn hele verhaal kwijt kon. Dat had ik echt even nodig. Toch bleek die avond dat het nog erger kon.’

‘Ik voelde woede, teleurstelling en verdriet.’

Yair ging, ondanks de adviezen, wederom richting club om een partijtje honkbal te kijken. ‘Ik liep het veld op en zag Ronald al direct zijn telefoon pakken, dit was een foute zaak dacht ik gelijk. Enkele tellen later werd ik verzocht om mee te lopen met een bestuurslid die mij persoonlijk wilde spreken. Hij vertelde mij dat ik het terrein per direct moest verlaten en dreigde de politie te bellen als ik niet luisterde. Nu was ik hier totaal niet bang voor. Ik was wél ontzettend boos om de reden waarom ik het terrein diende te verlaten. Toen hij daarna dreigde mijn lidmaatschap in te trekken ben ik toch maar van het terrein afgegaan, niet wetende wat er verder zou gebeuren. Ik voelde woede, teleurstelling en verdriet.’

Yair mailt gelijk zijn bestuur met een uitgebreid woedend stuk. Echter is het bestuur nog steeds niet te spreken over de gang van zaken en schorst hem voor drie maanden, met het verzoek zich niet meer op de club te laten zien. Pas na het inschakelen van het NOC*NSF en een goed gesprek met het bestuur mocht hij weer op het terrein komen.

Nadat in juli 2009 een vader na een gesprek met Carl tegen Yair zei dat hij ‘niet levend het terrein zou verlaten als hij aan zijn zoon zou zitten’ besluit Yair om de honkbalclub de rug toe te keren. ‘Ik associeer honkbal nu met deze gebeurtenissen, ik kan mezelf niet meer zijn op het veld’. Hij stort hij zich op zijn andere ambitie; politiek. Inmiddels is Yair gelukkiger dan ooit en actief bij de JOVD. Zijn studie geschiedenis aan de UvA verloopt gestaag. Yair over zijn doel: ‘Misschien wil ik later een eigen bedrijf beginnen, maar eerst nog een paar jaar het leger in. Ik wil iedereen meegeven dat hoe erg je ook in de put zit, ga door en blijf vechten, uiteindelijk kom je er – net als ik – veel sterker uit. Ik ben nu bezig met een autobiografische roman dus houd komend jaar de berichten in de gaten!’

9-3-2011 'Homo's voetballen niet'

Herman is teammanager. Hij leidt een groep productontwikkelaars en marketeers. Stuk voor stuk mensen met HBO- respectievelijk academisch niveau en allemaal mensen met een behoorlijk eigenwijs karakter. Niets mis mee, daar zijn ze zelfs op geselecteerd, meelopers leveren geen creatieve prestaties. Maar goed, geen makkelijk team ook, om leiding aan te geven, bedoel ik. Maar het gaat Herman prima af. De grote lijnen bewaken, de weg er naartoe vrijlaten. Meedenken zonder al te sturend te zijn. Herman is een prima teamleider, jong nog, en ambitieus.

Herman heeft een seizoenkaart bij FC Utrecht. Hij houdt van voetbal en van zijn cluppie. Geen thuiswedstrijd slaat hij over en bij de belangrijke uitwedstrijden neemt hij de ingewikkelde reisprocedures voor lief, hij gaat mee. In zijn vak is hij een graag geziene gast. Echte voetbalhumor heeft ie en hij leidt, als het even kan de spreekkoren. Naar gelang de tegenstander denderen kreten als kankerjoden, tyfushonden, kutboeren en vuile homo’s van de tribune. Als hij een beetje een creatieve bui heeft maakt hij zelfs voetballiederen die de tegenstander en de scheidsrechter tot onderwerp, liever tot slachtoffer hebben. Teksten als “Ali Moussari, je moeder heeft een snor” en ‘De scheids is een flikker met een hondelul” zijn van zijn hand. Voor wie een beetje fijnbesnaard is nou niet bepaald iets verhevens. Maar Herman wordt om dit gedrag geroemd, in ieder geval in vak M.

Zeker als zijn club het weekend gewonnen heeft is Herman maandagochtend nog niet helemaal los van zijn euforie. Vol trots vertelt hij dan over de wedstrijd en zijn toch altijd weer belangrijke rol daarin. Met zijn nog hese stem zingt hij dan de nieuw bedachte teksten. Er zijn er maar een paar die dat kunnen waarderen. Marijn in ieder geval niet, die zorgt, als het enigszins mogelijk is, dat hij elders in het gebouw een bespreking heeft.

Tot drie jaar terug voetbalde Marijn op hoog niveau. Hij heeft zelfs een aantal jaren eredivisie-ervaring. Hij is nu gestopt, de knieën, totaal versleten. Marijn is een marketingkanjer, geweldig creatief, de beste die je je denken kan. Hij ligt niet alleen daarom goed in de groep, het is gewoon een geweldige vent. Marijn heeft een vriend, ze wonen samen. Nu ook drie jaar, toen hij nog voetbalde durfde hij niet voor zijn geaardheid uit te komen. Bang als hij was dat het zijn sportcarrière zou schaden. Op feestjes van de vereniging kwam hij met een ‘geleende’ vriendin. Homo’s passen niet in de voetbalwereld!


Onlangs wees onderzoek in België uit dat er bij de betaald voetbalorganisaties zeggen dat bij hun geen homo’s voetballen. NRC meldde in november 2008 hetzelfde over de Nederlandse betaalde competities. In Nederland zijn er maar twee namen bekend van voetballers die op het hoogste niveau speelden en, na hun sportcarrière uit de kast kwamen. Hoe tolerant is deze wereld?

Herman is een doorsnee voetbalsupporter. Ik maakte hem fan van FC Utrecht maar je mag daar iedere andere club van maken. Ze hebben allemaal hun Hermannen, goed opgeleide, keurige, hardwerkende mannen die het voetbal als uitlaatklep hebben.

Reacties kunt u sturen naar: carel@de-mari.nl

25-2-2011 Trainer betaald voetbal vertelt zijn verhaal anoniem

'Het eerste team van een eredivisievoetbalclub bestaat bij 
meerderheid uit gekleurde spelers. In het team worden soms 
homovijandige opmerkingen gemaakt. De trainer vindt dit niet correct 
en wil dat het klimaat in zijn team minder homovijandig wordt.
 
Na een training neemt de trainer het team apart in de kleedkamer.

Hij 
stelt de spelers een vraag: 'Hoe denken jullie over het feit dat er 
gekleurde spelers in dit team zitten?' Een paar reageren enigszins 
verbaasd: 'Prima, geen probleem'. De trainer: 'Hoe denken jullie over 
het feit dat er in dit team jongens zitten met een Marokkaanse 
achtergrond?' Weer reageren de spelers positief. De trainer: 'En hoe 
denken jullie over de Turkse jongens in dit team?' Nogmaals reageert 
iedereen beslist positief.
 
Dan zegt de trainer:

'Dan wil ik dat jullie het voortaan ook in 
positieve zin hebben over homo's. Want die kunnen ook in dit team 
voorkomen'. En zonder verder iets te zeggen verlaat de coach de 
kleedkamer.


21-2-2011 Sportersweb Gelijkspelen:

Wedstrijdsecretaris Odysseus ‘91 ‘Wil de sportwereld homovriendelijker worden, dan moet er harder opgetreden worden tegen homofobie.’

Studentenvoetbalclub Odysseus ’91 deed mee aan de internationale dag tegen homofobie in de voetballerij. Hieronder het interview van Sportersweb Gelijkspelen met Jelmer van Zeijl, wedstrijdsecretaris van de club.

Bij de damesteams van Odysseus ‘91 is homoseksualiteit niet ongewoon en bij de mannelijke voetballers is er niet één die ervoor uit komt dat hij homo is. Van Zeijl: ‘Vandaar ook dat wij (Odysseus ’91) besloten hebben om initiatieven te ontplooien waarin de acceptatie van homoseksualiteit centraal staat. We zagen vaak genoeg dat er tijdens wedstrijden gescholden werd met ‘homo’. Om daar een einde aan te maken hebben we deelgenomen aan het initiatief van the Justin Campaign’.

Van Zeijl gaat verder: ‘Op zaterdag 19 februari (Tijdens de internationale dag tegen homofobie in de voetballerij) speelden daarom alle thuisspelende teams van Odysseus ‘91 met zelfgenaaide roze armbanden. Daarnaast hadden we de club versierd met roze ballonnen, en waren er in de rust roze koeken en thee met roze kleurstof. Om het af te maken hebben we ook nog posters opgehangen van the Justin Campaign’.

‘De reacties waren eigenlijk heel erg positief. Veel tegenstanders vonden het een goed idee en tijdens de wedstrijden heb ik ook geen homofobe scheldwoorden voorbij horen komen. Natuurlijk waren er ook sceptische tegenstanders: ‘Sport is voor echte mannen, waarom al deze onzin?’ Aldus Van Zeijl in een reactie op Sportersweb Gelijkspelen'.

‘Wil de sportwereld homovriendelijker worden, dan moet er harder opgetreden worden tegen homofobie. Clubs, trainers en bestuurders, maar ook teamgenoten moeten een duidelijke grens trekken, dan pas kan er écht iets veranderen'.

‘In de toekomst hoop ik dat meer clubs deel gaan nemen aan dit soort initiatieven. Iedereen wordt toch wel even bewust van het feit dat homoacceptatie in de sport niet vanzelf gaat’. Van Zeijl: ‘En natuurlijk doen wij volgend jaar zelf ook weer mee’.

Nieuws

5e editie Gay sport café groot succes

Bij de voetbalclub ASV De Dijk in Amsterdam-Noord kwamen vele sportliefhebbers bij elkaar om te praten over de huidige situatie voor homo's in de sport. Dit is de eerste keer dat een soortgelijke bijeenkomst bij een voetbalclub gehouden werd.

'Deze site is voor velen een eye opener'

Aldus topvoetballer Dianne Reemers op haar Sportersweb-profiel. Zij is keepster van eredivisionist VVV-Venlo.

Achtergrondinformatie Nederlandse Sport Alliantie

Sportknowhowxl.nl besteedt aandacht aan de projecten van de Nederlandse Sport Alliantie om de sportwereld homovriendelijker te maken. Bekijk hier het artikel.

Liedje over jongen die voetbalt en worstelt met zijn seksuele voorkeur.

Luister en lees de tekst van 'Benny' (Gerard van Maasakkers) in de column-rubriek.

KRO's uit de kast zoekt sporters die uit de kast willen komen.

Wil je meedoen aan de populaire serie van de KRO? Meld je dan hier aan.

‘Wil de sportwereld homovriendelijker worden, dan moet er harder opgetreden worden tegen homofobie.’

Bekijk hier het interview met Jelmer van Zeijl, wedstrijdsecretaris van Odysseus '91. De club die zaterdag (de internationale dag tegen homofobie in de voetballerij) met roze lintjes aantrad.

Oud wielrenner Graeme Obree is op zijn 45e uit de kast gekomen. De Schot werd in de jaren negentig beroemd als werelduurrecordhouder. Dat deed hij met onconventionele fietstechnieken.

Obree zegt dat hij jarenlang heeft geworsteld met zijn geaardheid en dat dit destijds leidde tot twee zelfmoordpogingen en depressies.

"Ik werd opgevoed met de toen geldende opvatting dat je beter dood dan homo kon zijn. Ik voelde van binnen dat ik zo was en kon het niet van mezelf accepteren."

'Bijna alle (prof)voetballers zijn uitgesproken in hun acceptatie'

(Voetbal)journalist Frits Barend vertelt in een reactie dat voetballers over het algemeen homovriendelijk zijn, maar dat het publiek vaak homo-onvriendelijk is en zich regelmatig beperkt uit.

gelijkspelen op je sociale netwerk:


Share